Ontmoeting

We wandelen langs de Linge. Vlakbij een klein stationnetje aan spoorlijn Arnhem-Tiel overziet een ooievaar de omgeving. De vogel heeft een uitkijkplek vanaf een tak van een geknotte boom nog iets boven het nest. Een passerende fietser vindt het de moeite waard om ondanks het felle tegenlicht van de zon, het tafereel op z’n smartphone vast te leggen. Even later spreekt hij ons aan. Hoe wij hier verzeild zijn geraakt. Zelf maakt hij een flinke rit door de Betuwe en heeft al bedacht om in het eerstvolgende dorp een kroketje en een ijsje te scoren om daarna langs de Rijn terug te fietsen naar Wageningen.

Ondanks het mooie weer is hij warm gekleed. “Ja” zegt hij, “ik ben nogal kouwelijk. Dat wordt met de jaren steeds erger. Ik ben 87”. Weldra wil hij vertellen over een indrukwekkende periode in zijn jeugd. Op z’n negende maakt hij de Slag om Arnhem mee. Zijn ouders hebben een wasserij niet ver van de Rijnbrug. In september 1944 slagen Britse parachutisten om een bruggenhoofd in te nemen bij de noordelijke oprit van de brug. Door Duitse overmacht wordt het gebied zwaar beschoten.
Ook de bevolking ligt in het schootsveld. Een voltreffer raakt de schoorsteen van de wasserij. Dat valt nog mee. Klandizie is er toch nauwelijks meer. Een tweede is fataal. Inslag op de droogzolder. Er is geen redden aan. De wasserij en het woonhuis gaan volledig in vlammen op. Gelukkig blijft het grote gezin ongedeerd.

Maar het is snel duidelijk: wegwezen uit de stad. Het lukt om acht kinderen twee aan twee onder te brengen op verschillende adressen op de Veluwe en in Utrecht. De verteller, zijn ouders en jongste zusje vinden onderdak op een boerderij aan de Lekdijk. Twee onderduikers, waaronder een Joods meisje, hebben daar al een schuilplek.

Daarna komt de hongerwinter. Dagelijks trekken uitgemergelde stadsbewoners langs de boerderijen op zoek naar voedsel. En elke dag weer worden er op de boerderij aan de Lekdijk stapels boterhammen belegd met zelfgemaakte kaas. Nog altijd heeft de verteller grote bewondering voor wat het boerengezin in de oorlog heeft gedaan.  Dan volgt een vergelijking met de oorlog van nú in Europa: “De Duitse soldaten waren zeker geen lieverdjes maar wat er in Oekraïne gebeurt dat is verschrikkelijk”.

Jan-Arie Strooper

 

Dit was een ingezonden reisverhaal van Jan-Arie Strooper, heeft u ook een reisverhaal en wilt u het delen, mail het dan naar redactie@tzand.info